Verwijtbaar handelen
Ontslag wegens verwijtbaar gedrag
Verwijtbaar handelen of nalaten kan een redelijke ontslaggrond vormen. Volgens artikel 7:669 lid 3 onder e BW moet het gedrag zodanig zijn dat van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden verlangd de arbeidsovereenkomst voort te zetten. Niet iedere overtreding is voldoende.
Wanneer is sprake van verwijtbaar handelen?
Van verwijtbaar handelen kan sprake zijn bij:
herhaalde werkweigering of ongeoorloofd verzuim;
overtreding van duidelijke bedrijfs- of veiligheidsvoorschriften;
fraude, diefstal of misbruik van vertrouwelijke informatie;
bedreiging, intimidatie of ander grensoverschrijdend gedrag;
het ondanks waarschuwingen niet nakomen van verplichtingen.
De aard en ernst van het gedrag zijn bepalend. Ook de functie, duur van het dienstverband, waarschuwingen en persoonlijke omstandigheden wegen mee. De werknemer moet kunnen begrijpen welk gedrag werd verlangd en welke gevolgen een nieuwe overtreding kon hebben. Bij evident ernstig gedrag is een voorafgaande waarschuwing niet altijd nodig.
Zorgvuldige beoordeling en bewijs
De werkgever moet de verweten gedragingen kunnen onderbouwen. Zorgvuldig onderzoek, hoor en wederhoor en consistente toepassing van bedrijfsregels zijn belangrijk. De gekozen maatregel moet in verhouding staan tot het gedrag. Wanneer een lichtere maatregel passend is, kan ontbinding te ver gaan.
Verwijtbaar handelen verschilt van ontslag op staande voet. Voor ontbinding op de e-grond is geen dringende reden of onverwijlde opzegging vereist. De werkgever vraagt de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Herplaatsing ligt bij een voldragen e-grond doorgaans niet in de rede.
Verwijtbaar of ernstig verwijtbaar?
Voor ontbinding is verwijtbaar handelen voldoende. Het vervallen van de transitievergoeding vereist echter ernstig verwijtbaar handelen. Die zwaardere kwalificatie is alleen bij uitzonderlijke omstandigheden gerechtvaardigd. Een werknemer kan verwijtbaar hebben gehandeld en toch recht houden op de transitievergoeding.
Positie van de werknemer
De werknemer kan betwisten dat de gedraging heeft plaatsgevonden, verwijtbaar is of beëindiging rechtvaardigt. Daarbij kan worden gewezen op ontbrekend bewijs, onduidelijke regels, ongelijke behandeling, het ontbreken van waarschuwingen, ziekte of andere verzachtende omstandigheden.
Beëindiging kan plaatsvinden door ontbinding bij de kantonrechter of met wederzijds goedvinden in een vaststellingsovereenkomst. Een tijdige beoordeling maakt duidelijk of de ontslaggrond voldoende is onderbouwd en welke financiële en juridische gevolgen aan beëindiging zijn verbonden.
Stappen
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Stap 6
Stap 7
- Gerelateerde berichten

Verstoorde arbeidsverhouding
Een verstoorde arbeidsverhouding kan verdere samenwerking onmogelijk maken.

Disfunctioneren
Ontslag wegens disfunctioneren vereist een zorgvuldig verbetertraject en een goed onderbouwd dossier.

Herplaatsing
Voor ontslag moet worden onderzocht of de werknemer binnen een redelijke termijn kan worden herplaatst.